Een fabriek die foutloos kan produceren en alle wensen van de klant verwerkt doordat de productie van massa naar maatwerk mogelijk is. Het voorspellen van onderhoud aan een machine zodat er minder storingen ontstaan en de kosten omlaag gaan. Een drone als vliegend meetstation om ziektes en insecten in de kassen op te sporen. Allemaal voorbeelden van Smart Industry van Nederlandse bodem. 

Samen digitaal versnellen 

Digitalisering ontwikkelt zich in sneltempo in vele landen, zo ook in Nederland. Onze noorderburen hopen door in te spelen op deze digitalisering hun concurrentievermogen te vergroten, nieuwe en andere werkgelegenheid te creëren en bij te dragen aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken. In meer dan 30 Fieldlabs in Nederland wordt onderzoek gedaan en geïnnoveerd. Het resultaat zijn vele slimme toepassingen. Zo worden melkveehouders met melkrobots bijvoorbeeld ook dataleverancier, doordat ze informatie over de kwaliteit van de melk monitoren. Metaalbedrijven worden ook softwarebedrijven, waarbij klanten via internet volledig gedigitaliseerd producten kunnen bestellen.

 

Zonder slimme mensen geen slimme machines 

Bovendien hoopt Nederland met deze digitale tendens tot 2030 zo’n 120.000 banen te vervullen, want zonder slimme mensen, geen slimme machines. Er moet in ons buurland ook aandacht zijn voor het onderwijs en de arbeidsmarkt. Er moet geïnvesteerd worden in een continue leercultuur in bedrijven. Er moet getoond worden welke kansen robotisering en digitalisering bieden om uitdagend en vernieuwend werk te doen zodat ook het tekort aan vakmensen wordt opgelost. Nederland klopt zichzelf op de borst dat het een vooraanstaande rol heeft op vlak van technologische innovaties. Om deze positie te behouden, wil het volop inzetten op een gezamenlijke digitale versnelling. Samen een sprint trekken naar de digitale toekomst.

 

Meer dan technologie alleen 

Om deel te nemen aan een slimme maakindustrie moet men ook kansen signaleren, vlot aan de slag gaan en een goede strategie hebben. Dat zegt Michel Mulders, partner Industry 4.0 bij PwC Nederland. Volgens hem hebben bedrijven die succesvol zijn in industrie 4.0 drie dingen gemeenschappelijk: ze zijn nieuwsgierig naar wat nieuwe technologie kan brengen, ontwikkelen nieuwe diensten die waarde toevoegen en richten zich sterk op de gebruikersbehoefte. Nieuwe technologieën dienen met andere woorden voor het oplossen van concrete problemen voor klanten. Bovendien hamert Mulders erop dat bedrijven deze nieuwe economische uitdagingen niet alleen aangaan, want vaak blijven er kansen liggen doordat initiatieven teveel op zichzelf staan.

 

In drie stappen naar een slim maakbedrijf 

Volgens Mulders zijn er drie belangrijke fasen naar een slimme maakindustrie. De eerste noemt hij show don’t tell, waarbij een bedrijf op een aantal projecten met beperkte inspanningen grote effecten behaald. Zo kan er momentum gecreëerd worden richting anderen in het bedrijf, en richting projecten die misschien wat moeilijker op gang zullen komen. In een tweede fase is het nodig om vast te stellen welke competenties nodig zijn om nieuwe oplossingen ook echt door te voeren in het bedrijf. De rol van data staat hierbij centraal. Want in een digitaal maakbedrijf zitten er in steeds meer machines slimme sensoren die data genereren. Al deze informatie moet worden verzameld, geanalyseerd en bewaakt. Hoe goed je dit in orde hebt, is bepalend voor je succes, aldus Mulders. De derde fase, tot slot, draait om de zorg voor een goed ecosysteem waarin de juiste partners betrokken worden. Volgens Mulders valt hier te grootste winst te behalen door de gehele waardeketen bij projecten te betrekken.

 

Bron: Financieel Dagblad, december 2017, bijlage Technologische Ontwikkeling. 

 

Pin It on Pinterest

Shares
Share This
%d bloggers liken dit: