Augmented en virtual reality, ze worden vaak in één adem genoemd. Toch zijn het twee aparte en unieke technologieën. Maar wat is nu precies het verschil? En welk van de twee technologieën komt het best tot zijn recht in de maakindustrie? 

Augmented reality 

Augmented reality (AR) is aan een echte opmars bezig. Denk maar aan de Pokémon GO-hype van vorige zomer, of de veelbesproken ARKit van Apple, die dit najaar zijn intrede zal doen. AR is in feite niets meer of niets minder dan – letterlijk vertaald – een toegevoegde realiteit: de wereld zoals ze is, maar met een extra laagje erover. Vandaag de dag worden voor AR nog vaak smartphones en tablets gebruikt, al verschijnen er mondjesmaat ook meer AR-brillen op de markt. Denk maar aan de Microsoft Hololens en de onlangs opnieuw geïntroduceerde Google Glass, maar ook de geruchten over een mogelijke Apple AR-bril die de ronde doen.

Hoewel augmented reality zijn start vooral kende voor entertainment (denk maar aan Pokémon GO), is de verwachting dat AR ook veel gebruikt zal worden op de werkvloer.

Virtual reality 

Virtual reality (VR) daarentegen, laat je toe een nieuwe realiteit te zien. VR sluit je compleet af van de werkelijkheid, en creëert door middel van computertechnologie een nieuwe, gesimuleerde omgeving. Dat maakt deze technologie ook meteen minder geschikt voor toepassingen op de werkvloer, en zeker in de maakindustrie. Wanneer je door VR compleet afgesloten bent van de ‘echte’ realiteit, kan dit namelijk voor veiligheidsproblemen zorgen.

Virtual reality is dan ook best op z’n plaats in de wereld van gaming en kan gezien worden door een speciale VR-bril, zoals de Oculus Rift, een een VR-viewer die gebruik maakt van je smartphone en VR-apps, zoals bijvoorbeeld Google Cardboard of Daydream View.

Is het verschil je nog niet helemaal duidelijk? Geen nood, in onderstaand filmpje wordt het verschil tussen AR en VR nog eens duidelijk uitgelegd.

 

 

Pin It on Pinterest

Shares
Share This
%d bloggers liken dit: